|
200 gr runder of kalfspoelet
1 kruidenbuiltje voor vleesbouillon
400 ml vleesbouillon van 1 tablet
30 gr boter
30 gr bloem
pezomus
2 eieren
100 gr paneermeel (beetje grof)
|
Breng in een pan het vlees met het kruidenbuiltje en de bouillon langzaam aan de kook en laat het in 1 uur op laag vuur gaar worden.
Zeef de bouillon boven een maatbeker en meet 200 ml af.
Snijd het vlees heel fijn.
Smelt de boter in een pan en roer de bloem erdoor.
Voeg al roerende de bouillon toe en blijf roeren tot er een gladde, dikke saus ontstaat.
Laat die 2 minuten zachtjes doorkoken, schep het vlees erdoor en voeg zout, peper en nootmuskaat naar smaak toe.
Schep de ragout op een plat bord, laat hem afkoelen en 2 uur in de koelkast opstijven.
Verhit ruim olie in een frituurpan tot 180 °C.
Klop in een diep bord de eieren los met 1 eetlepel water.
Strooi het paneermeel op een bord. Vorm van de ragout 24 ballen en wentel ze door het paneermeel, dan door het ei en nog eens door het paneermeel *.
Frituur de bitterballen met 6 tegelijk in 3-4 minuten knapperig bruin. Laat ze op keukenpapier uitlekken en leg ze op een schaal.
Je kan tot * gaan en leg ze op een plaat en leg dit dan in de vriezer. Als ze eenmaal ingevroren zijn, doe je ze in een diepvrieszak. |