450 gr rozijnen of boerenjongens
1 vanillestokje
365 gr melk
14 gr gedroogde gist
660 gr bloem
12 gr zout
70 gr boter
1 ei
70 gr suiker
Vulling:
300 gr amandelschaafsel
300 gr suiker
1 tl speculaaskruiden
1 eiwit |
Dit 'brood' eet je niet... je vreet het!
Laat de rozijnen 24 uur weken en laat ze uitlekken. Schraap het merg uit het vanillestokje.
Verwarm de melk tot lauwwarm en los de gist erin op Maak een kuiltje in de bloem en strooi de zout aan de rand van Kneed boter, ei, suiker en vanillemerg in het kuiltje Meng
beetje bij beetje de bloem er door Kneed alles tot een soepel deeg Leg het deeg in een ingevette kom en afgedekt met plasticfolie ongeveer een uur rijzen op
kamertemperatuur Maak ondertussen het amandelspijs door de amandelen, suiker, speculaaskruiden en het eiwit goed te mengen Haal het deeg uit de kom, kneed de
rozijnen erdoor Maak 2 bollen van het deeg en rol ze uit tot plakken van ongeveer 2 cm dik Verdeel het amandelspijs over een van de plakken maar houd 2 cem van de
rand vrij Leg de andere deegplak op het spijs en druk een beetje aan aan de zijkant Laat 45 minuten rijzen onder plastic folie Verwarm ondertussen de oven op 220 graden
Kluts
het ei en bestrijk de Brabantse Broeder ermee Bak in ongeveer 12 minuten goudbruin en gaar |